Reizen laat je groeien (ook je grijze haren)

“Grijs” zegt mijn man terwijl hij met zijn vinger over mijn haar strijkt. Ja, het is best mogelijk dat dat de afgelopen nacht hard gegaan is. Precies 24 uur geleden zaten we samen met onze dochter en haar vriend aan dezelfde biertafel onder de boom in onze tuin. Na het ontbijt reden we naar Schiphol. Een half jaar gaat ze stage lopen in Amman, de hoofdstad van Jordanië. Ze gaat werken voor hulporganisatie ‘Care Jordanië’. Er leven veel Syriërs, die uit hun land zijn gevlucht naar het aan het Zuiden grenzende buurland Jordanië. In de weken hiervoor was ik mezelf al niet meer. Voelde het afscheid (on)bewust naderbij komen. Afgelopen week de laatste zaken geregeld; geld, verzekeringen en gekuiste kleding kopen. In Jordanië lopen vrouwen niet allemaal meer met een hoofddoek om maar schouders en knieën bedekt is wel zeer gewenst en aanbevolen. Amman staat bekent om zijn gastvrijheid, tolerantie en gemoedelijkheid. In bepaalde bars schenken ze alcohol en mogen vrouwen hun blouse uittrekken en in een hemdje lopen. Voor westerse vrouwen erg aangenaam indien je de dagelijkse 36 graden in de zomer niet gewend bent. En ondanks deze wetenschap is het spannend. Voor mijn dochter in de eerste plaats. In de auto praten we luchtig om het vooral niet te zwaar te maken. We lopen mee tot we niet verder kunnen en dan is het afscheid toch echt daar en stromen de tranen rijkelijk. Daar gaat ze, mijn dappere meisje. We blijven nog zwaaien en zien haar bij de security haar tas legen. Ze spreekt met de meneer van de security, ik zie haar haar ogen afvegen en dan komt de goede man van zijn plek, loopt naar haar toe en geeft haar een dikke knuffel. Wat ongelooflijk aandoenlijk. “Bedankt meneer”, denk ik, “u heeft mij zojuist een grote dienst bewezen door mijn kostbare kind te troosten”. Hij zwaait nog naar ons en gaat dan verder met zijn werk. Mijn dochter gebaart dat we moeten gaan. Nog een keer zwaaien, nog een keer kijken. Ik loop weg maar mijn hele lichaam roept dat ik de verkeerde kant op loop. Naarmate de auto verder van Schiphol vandaan rijdt, wordt ik verdrietiger. Ik moet bij haar zijn, voor haar zorgen, haar geruststellen en de weg wijzen. Maar dat kan niet, ze is 20, ik moet het haar alleen laten doen. Ze appt dat ze vertraging heeft. Verdorie dan mist ze haar aansluiting in Rome denk ik gelijk. Ik ga opzoek naar de volgende vlucht naar Amman vanaf Rome. Die gaat ‘s avonds om 22:40 pas. Dan zal ze rond 3 uur in de nacht landen. Dat hadden we niet zo bedacht. Ik houd flighttracker nauwlettend in de gaten en zie dat haar vliegtuig naar Amman inderdaad vertrekt als zij nog bij de transferdesk staat op Rome. Even later belt ze op dat ze in een bepaalde ruimte wordt geloodst vanwege een verdachte koffer, ze heeft de woorden nog niet uitgesproken of ik hoor een enorme knal. “Ik ben ok, ik ben ok” roept ze. Ondertussen heb ik het niet meer. “Ze hebben de koffer onschadelijk gemaakt, denk ik”, zegt ze. “Gelukkig heb ik alle tijd voor mijn volgende vlucht”. Poeh mijn hartslag kan weer dalen. Zij ondergaat het laconiek en er is niets gebeurd. Dan kan het lange wachten voor haar beginnen. “Ik ga ff een Maccie knallen” laat ze even later weten. Ik ben zo week als wat en ga nu zeker geen relaas houden over het beroerde eten van de Mac Donalds en dat ze beter een salade o.i.d. kan halen. Ook deze vlucht heeft vertraging en om 23:59 wensen wij, inmiddels in dochterlief vanuit New York ook aangehaakt in de gezins app, haar een goede vlucht. Af en toe kijk ik op flighttracker. Ze vliegt de goede kant op. Om iets voor 3 stuur ik een foto van haar landende vliegtuig van flighttracker in de gezins app. En ja hoor even later komt ze weer op het net. Nu is het zaak om een betrouwbare taxi te vinden die haar naar haar nieuwe onderkomen voor het komende half jaar gaat brengen. Er is wifi in de taxi dus ik bel een tijdje met haar. De vriendelijke taxichauffeur zoekt net zolang met haar mee in het donker tot ze het juiste adres hebben gevonden. Dan gaan we allemaal even slapen, in New York is het inmiddels ook slaaptijd. Het mooie aan reizen vind ik ‘mensen ontmoeten’ en zeker ook jezelf. De nieuwe omgeving verkennen, zelf alles moeten uitvinden, andere culturen en eten leren kennen, het laat je groeien. Oké ook wat extra grijze haren. Ik bel de kapper en vraag om mijn grijze uitgroei te verven. Ik boek er dit keer ook maar een hoofdmassage bij.

Pannenkoekjes aan satéstokjes

“Pas jij goed op mijn pannenkoekplantjes, mam”? vroeg mijn dochter toen ze weer vertrok. Mijn oudste dochter woont voor de tweede keer een half jaar in New York. Ze was een week thuis voor haar diploma uitreiking. Plantjes stekken. Het is een ware hype. Kijk pinterest en intstagram er maar op na. Vroeg in de ochtend, de dag na haar aankomst (lang leve de jetlag), trof ik mijn dochter, in vel roze ochtendjas, in de tuin aan. De tafel was bezaaid met aarde, jampotjes, stekjes en satéstokjes. Een heerlijk tafereel voor mij als moeder. Het zijn de laatste momenten hier thuis. Als ze uit New York komt wil ze een eigen huisje bewonen met haar vriend. “Bedankt dat je mijn plant zo goed verzorgd hebt mam, er zitten heel veel kleintjes aan”. ‘De kleintjes’ haalt ze voorzichtig van de moeder plant. Ze breekt een satéstokje door de midden, legt de halve stokjes op een met water gevulde jampot en hangt de stekjes ertussen. Nu moeten er worteltjes gaan groeien. Ze neemt figuurlijk haar ruimte in in ons gezin door letterlijk de planten in onze vensterbank wat opzij te zetten en ze zet een rij jampotten met satéstokken, ernaast. De pannenkoekblaadjes hangen als aapjes aan de satéstokjes, hun onderlijfje onder water. Of ik ze weer in aarde wil zetten als er worteltjes aan zitten. Het werkt, ik zie dagelijks dat de worteltjes langer worden. Onder toeziend oog van moederplant, groeien de kleintjes als kool. En daar lijkt moeder ook weer van te groeien. Als ik op een dag in de wacht sta, vind ik dat een mooi moment om de kleintjes in de aarde te gaan stoppen. Waar er twee stekjes in een potje water zaten, moeten ze nu hun eigen huisje hebben. Ik denk aan mijn dochters die het zo ongelooflijk goed doen en een eigen plekje in deze wereld zoeken. En wat doe je als moeder? De oorspronkelijke planten in onze vensterbank, moeten ‘tijdelijk’ plaats maken voor de pannenkoekplantjes van dochterlief. Stiekem vind ik het heel erg leuk dat stekken. Niet alleen omdat ik dan elke dag even met mijn dochter bezig ben maar het verzorgen van dat jonge spul, ja dat ligt me wel op de een of andere manier. 

  

* Sommige woorden kun je zo mooi dubbel interpreteren. Net als de titel; Pannenkoekjes aan satéstokjes, een heerlijke traktatie in een kraamgezin. Lekker met boter en dan roze of blauwe muisjes erop.

 

Vakantieliefdesbaby’s

Soms krijg je zo ’n heerlijk zomers ‘bouquet reeks boekjes’ verhaal wanneer je kersverse ouders vraagt hoe ze elkaar hebben leren kennen. Liefdesverhalen zoals je ze ook ziet in bijvoorbeeld het tv programma “Memories”. Mensen die elkaar op vakantie leren kennen, de romantiek druipt ervan af. In een zonnig oord, ver weg van huis vinden zij de liefde van hun leven. Ik brul hartstochtelijk met ze mee wanneer ze snikkend vertellen dat hun relatie beëindigd werd, om wat voor reden dan ook. Of ik kijk gelukzalig naar de kindjes die uit de relatie voort gekomen zijn. Want veel van die vakantieliefdes leveren uiteindelijk werk op voor verloskundigen en kraamverzorgsters ;) De mooiste verhalen hoor je. Zij was 17 jaar en ging voor de tweede keer mee met haar vriendin en haar ouders naar het zonnige Vieux Boucau in Zuid-West Frankrijk, iets boven Biarritz. De vriendinnen sliepen in een tentje naast de caravan van pa en ma. Op een prachtige camping vlak aan de bekende witte stranden van Les Landes. Dit gebied staat bekend om het golfsurfen in de azuurblauwe zee met de soms huizenhoge golven. De vriendinnen wisten niet hoe snel ze naar het strand moesten rennen na een autorit van twee dagen. Ze namen een heerlijke duik in de zee en zochten daarna een plekje op het zonovergoten strand. Al snel kwam er een groepje meiden op hen af. Ze herkenden elkaar van het jaar ervoor. Na een uitbundige begroeting vroeg een van hen: “Hé, jullie kwamen toch uit Amersfoort?” “Ja”, antwoorden de vriendinnen “uit Hoevelaken.” (Dat is op zo’n afstand hetzelfde). “Nou, er is ook een hele groep jongens uit Amersfoort op de camping!” zeiden de meiden enthousiast. “Dan kennen wij ze vast wel” zeiden de vriendinnen “wijs ze vanavond maar aan!” En dat deden ze. ’s Avonds gingen ze uit in “The Captain Bar”. Maar de vriendinnen hadden deze jongens nog nooit gezien. De jongens vertelden dat ze in Amersfoort altijd naar een kroeg gingen waar de vriendinnen nog nooit geweest waren. En terwijl ze zo aan het kletsen waren kwam er nog een jongen aanlopen. Eén van de vriendinnen, zag hem gelijk. Stoer T-shirt, spijkerjasje, vale spijkerbroek, afgetrapte soort cowboylaarzen (wie draagt er nou laarzen in de zomer?), een mooi gezicht en een prachtige bos zwart krullend haar. O ja, handen in zijn zakken. Hij hoorde ook bij de groep en ze werden aan elkaar voorgesteld. Hij was 16 jaar. Ze heeft die vakantie zijn naam regelmatig genoemd. Elke avond zocht ze de jongens op in de hoop hém ook aan te treffen, en overdag speurde ze het strand af waar ze lagen, om even een praatje te maken. Net terug in Amersfoort en wandelend over de braderie, liepen ze elkaar weer tegen het lijf. En ook op de zaterdagavonden hadden ze ‘opeens’ de behoefte elkaars kroeg eens te bezoeken. Op een zaterdagavond toen het heel druk was in de “Karseboom”, dé uitgaanstent van Amersfoort, zocht zijn hand de hare om haar door de drukte naar buiten te begeleiden. Wachtend op de bus naar Hoevelaken, op de stadsring, gaven ze elkaar hun eerste zoen. In de zomers die volgden gingen ze elk jaar met vrienden weer terug naar Vieux Boucau. 6 jaar na die eerste ontmoeting trouwden ze. De huwelijksreis ging naar de paradijselijke Malediven maar ook een week naar ‘hun’ camping in Frankrijk. Gelukkigerwijs leverde ook deze vakantieliefde de geboortezorg werk op. Twee keer hebben ze de geweldige kraamverzorgster, na de geboorte van hun dochters, over hun romantische ontmoeting in de zomer van 1988 mogen vertellen. 


Bij het verschijnen van deze ‘Samen Kramen’ ben ik op vakantie in Vieux Boucau met mijn grote liefde. Afgelopen 3 juni waren we 25 jaar getrouwd. 

Geschreven voor Samen Kramen, het magazine van Naviva Kraamzorg  

De Placenta is hot.

“Wat willen jullie met de placenta?” is de eerste vraag die de verloskundige aan de kersverse ouders stelt nadat zij de placenta nagekeken heeft. Wij kraamverzorgenden spitsen dan ook even de oren. Want het antwoord varieert van “Gooi alsjeblieft weg dat ding” tot “we willen ‘m graag bewaren.” En zo overkomt het ons dus regelmatig dat we de placenta op een bordje, met vershoudfolie erover, in de ijskast zetten, naast het kliekje spruitjes met gehaktballen dat over was van gisteravond. Weggooien betekent een zak erom en de kliko in, indien deze spoedig geleegd wordt. Anders komen er dieren op af en het is niet voor niets dat de meeste dieren zelf de placenta opeten na de bevalling. Sporen uitwissen voor de vijand. Ondanks dat wij mensen niet bang hoeven te zijn dat de vijand ons jong bij ons weghaalt, is het toch meer en meer een trend om ook als mens de placenta op te eten. Gebakken, verwerkt in een smootie of door deze te laten capsuleren. Op diverse websites o.a. van ‘de placentaspecialist’ en ‘de geboortereis’ staat dat het eten van de placenta bevorderlijk is voor de hechting met je kind, het veel ijzer en vitamine B12 bevat en dat het de melkproductie stimuleert. Ook zou het een postnatale depressie tegengaan. Wij kraamverzorgsters vinden(onder werktijd) alles prima. U roept wij draaien. Niet letterlijk dan. Als ik even voor mijzelf spreek, gaat mijn dienst wat de placenta betreft niet verder dan de het bloederige geval in de ijskast te zetten of in de kliko te gooien. Alhoewel het er onlangs even op leek dat ik hem wel zou gaan bakken. Ik was bij een thuisbevalling en de matjes waar we de placenta meestal even in opvangen waren op. Ik vroeg snel aan de kraamheer waar ik een schaal of bakje kon vinden. Hij wees op het leuke houten kastje achter mij in de kamer. Ik trok een deurtje open en daar stonden een heleboel pannen schots en scheef op en naast elkaar. Ik hoorde dat de placenta geboren werd dus giste ik snel de eerste beste koekenpan uit de kast en schoof hem net op tijd tussen de benen van de kraamvrouw. De placenta lag netjes in de koekenpan, dat hadden deze ouders gisteren tijdens het bakken van de gehaktballen niet kunnen denken. Even later zat de verloskundige met de pan op schoot om de placenta na te kijken. Omdat ze dit toch wel erg grappig vond, vroeg ze of ze van dit tafereel een foto mocht maken en deze aan haar collega’s door mocht sturen. De jonge ouders hadden alleen maar oog voor hun kindje en vonden het allemaal prima. “Ping”, klonk het even later door de huiskamer. Het was een appje op de telefoon van de verloskundige. Haar collega appte:  Hahaha Moederkoekenpan! 

Geschreven voor “Samen Kramen” het personeelsblad van Naviva Kraamzorg mei ‘19.

Weer New York.

Bij ons achter het huis, in het park, zijn weer lammetjes geboren. Als ik de kans krijg fiets of loop ik er even heen. Wat een heerlijk spul. De kleine witte beestjes hadden de eerste dagen nog een stukje navelstreng aan hun buikje hangen. Je ziet precies bij welk schaap welke lammetjes horen. Ze lopen dichtbij hun moeder. Kwispelend met hun staartjes drinken ze uit de borst. Als moederschaap al lopend gras eet, lopen de lammetjes met haar mee. In de dagen erna zie ik ze steeds verder bij hun moeder vandaan gaan. In het begin was het één blaat van moeder en ze renden naar haar terug. Maar ze worden steeds vrijer. Je ziet ze soms aan de hele andere kant van het veld en mama kan blaten wat ze wil maar op deze plek is het even veel leuker. Dan loopt moederschaap hun kant maar op, een moederinstinct dat ze sinds de geboorte van haar lammetjes heeft. Daar moest ik gisteren aan denken toen ik mijn oudste dochter voor de zoveelste keer naar Schiphol bracht. Ze heeft inmiddels de leeftijd waarop ik trouwde. Maar mijn moederhart voelt verscheurd als ik haar zwaaiend weg zie lopen. Op de heenweg in de auto horen we op het journaal over de rapporten n.a.v. de dood van Anne Faber. Kots neigingen krijg ik ervan. Ik denk dat ik helemaal gek zou worden als ik haar moeder was. Mijn dochter gaat “maar” naar New York. New York, de eens zo magische stad voor mij. Hoog op mijn bucketlist stond New York. Dus in de jaren dat ik stewardess was greep ik mijn kans. De landing destijds op New York JFK voelde zo bijzonder. Ik was helemaal opgewonden. Onze dochter, toen 1 jaar, bleef voor een paar dagen bij opa en oma. Dat ze haar gram genadeloos zou halen, zou blijken. 20 jaar was ze toen ze voor een semester op The New School in New York ging studeren. Mijn man bracht haar weg en een maand later ben ik naar haar toe gereisd. De 18everjaardag van onze jongste dochter, een paar maanden later, vierden we in New York als gezin. De eens zo ongrijpbare stad New York, leerden we steeds beter kennen. De behoefte om in New York geweest te zijn was ruimschoots bevredigd. Toen vorig jaar onze schoonzoon aankondigde dat hij voor zeven maanden in New York ging studeren, zei onze dochter direct dat ze dan haar scriptie daar zou schrijven zodat ze bij elkaar konden zijn. Dat betekende voor ons dat we de bestemming van onze reis t.b.v. ons 25 jarig huwelijk dit jaar, niet meer hoefden te kiezen. Ook al zou ik voor deze gelegenheid niet in eerste instantie kiezen voor een “city”, laat staan één “that never sleeps”, volg ik toch mijn moederhart. Boven aan mijn bucketlist staan sinds hun komst, namelijk mijn kinderen. Ze luisteren (gelukkig) niet meer altijd naar mijn geblaat, dus ga ik af en toe achter hen aan, dat is een moederinstinct dat ik sinds hun geboorte heb. En dat dat ons weer naar New York brengt, ja dat is een hele leuke bijkomstigheid!

Een hamburger naast Maria

Sinds het overlijden van mijn vader, heb een gedenkhoekje in de kast in de woonkamer. Daarin staat een foto van mijn vader en mij. Zijn prachtige rouwkaart, nog steeds onbegrijpelijk dat we die hebben moeten maken, een paar cd’s die hij gemaakt heeft, bootjes die we van ieder vakantieadres voor hem meenamen, een kaarsje en een Maria beeldje. Soms ook een bloempje. Ja, best een druk hoekje. 

Als er iemand anders overleden is die ik ken, komt er voor een onbepaalde tijd een kaarsje bij te staan. Twee kaarsjes dus. Dit keer met een hamburger ervoor. Zo’n snoephamburger in zo’n vierkant plastic verpakking. Het staat er sinds we het kregen na het condoleren van de ouders en broers van Jurian. Jurian woonde heel schuin achter ons. Hij is in November overleden en was pas 17 jaar. Doordat Jurian ziek was kon hij meedenken over zijn eigen uitvaart. Hij wilde o.a. nog een keer een hamburger eten met iedereen. “Laat de rouwstoet op de terugweg maar door de Mc Drive rijden”, had hij gezegd. Na aanleiding van die wens, hebben zijn ouders het briljante idee opgevat om de snoephamburgers uit te delen bij de condoleance. En zo staat er in mijn gedenkhoekje een hamburger naast Maria. Tot nu toe heeft ze de verleiding kunnen weerstaan maar het wordt kerst. En bij kerst hoort eten. Eten met elkaar. Je eet om in leven te blijven maar ook omdat het verbindt. Eten is liefde. Dat alles had Jurian heel goed begrepen. Met kerst is het pijnlijke gemis van een geliefde aan de kerstdis extra voelbaar. Dan steken we maar een kaarsje aan en zetten die in een gedenkhoekje bij een dierbare foto, een liefdevol kijkend Mariabeeldje, een mooi bloempje en een hamburger.

Kerstblog voor het personeelsblad van Naviva Kraamzorg kerst 2018

De kraamverzorgsters uit het Oosten, 

 “Nou, dat doe ‘k nie hor.” Sommige van mijn collega ’s uit het Oosten van het land kunnen heel goed “nee” zeggen. Dat ondervond ik donderdagavond 29 november j.l. toen ik een workshop mocht organiseren voor mijn collega’s. De bekende MoederZorg sokken lagen klaar. “Je mag je schoenen uit en sokken aan doen als je dat lekker vindt” riep ik bij de deur. En dat wilde duidelijk niet iedereen, wat natuurlijk prima is. Geurige kaarsen dit keer in de ruimte waar anders de herders van Naviva Kraamzorg  vergaderen over hun schapen in het veld. Zij doen dat echter in het, absoluut ook warme, licht van de tl buizen. Ik vind het belangrijk een veilige ruimte te creëren voor kwetsbare verhalen. En dat doe ik door sfeer, geur en kaarslicht. Ik, zelf ook een Naviva schaap, begon de bijeenkomst met het uitleggen waarom ik MoederZorg heb opgericht; Ik denk dat het belangrijk is dat vrouwen (in dit geval Ooien) elkaar opzoeken en bijstaan. Dat je samen goed voor jezelf mag zorgen. En dat wij elkaar in het leven mogen vasthouden. Ik vroeg de kraamverzorgsters uit het Oosten dat letterlijk te doen door elkaar te begroetten met een knuffel. Na enig aarzelen kwamen toch de warme knuffels. Het is bewezen dat je gezonder wordt door te knuffelen. Een wetenschappelijk advies zegt: “Maak tijd om te knuffelen.” De kans is groot dat er een glimlach op je gezicht verschijnt wanneer je geknuffeld wordt. En meer dan dat gebeurde tijdens de begroeting bij de workshop. Naast het (glim)lachen, werden er zelfs ook mooie en vriendelijke dingen tegen elkaar gezegd. “Goed je te zien”, “fijn dat jij er bent”, “wat heerlijk even knuffelen” etc. Wat zeggen wij tegen alle Jozefs en Maria’s die net een kindje gekregen hebben, over huid op huid contact? “Wanneer een baby huilt, kan het een vieze luier hebben, er kan een boertje dwarszitten, misschien heeft hij een krampje in zijn buik en als dat het allemaal niet is dan heeft het misschien huidhonger.” Een prachtig woord. “Pak je kindje dan vast” zeggen we dan en we leggen uitgebreid uit waarom het kindje bij je wil zijn. In ons handboek van Naviva staat o.a: “Door je kindje huid op huid bij je te nemen ontstaat er contact en warmte”, “leg de baby bloot tegen de (blote) huid van de moeder en omarm de baby stevig.” “Het stresshormoon(cortisol) daalt door huid op huid contact.” “Het kind wordt rustig door de liefdevolle aanraking, er komt dan een gelukshormoon (oxytocine) vrij, ook wel het knuffel hormoon genoemd.” “Het is een geruststelling voor het kind te weten dat hij niet alleen is, het is een bevestiging van zijn bestaan en eigenwaarde.”Bij deze laatste zin krijg ik tranen in mijn ogen. (En meerdere van ons weet ik na deze workshop). Dit is de betekenis van een knuffel: “Ik zie jou!” “Jij doet ertoe!” Een boodschap die ooit geboren is in een koude, donkere kerstnacht.

Ik wens ons allemaal een oxytocinevolle decembermaand en een laag cortisolgehalte voor 2019!

 

 

 

Training in de Pastorie

Toen ik thuis kwam en het konijn begroette met een aai, werd ik er weer aan herinnerd. Ik was zojuist losgeknipt van een groep mensen waarmee ik twee intensive dagen heb beleefd. Bij het aaien van het konijn, zag ik om mijn pols namelijk de gekleurde wollen draad die ik meekreeg en om mijn pols had gedraaid. We stonden bij de laatste oefening in een kring en gooiden een bolletje wol naar elkaar zodat er een mooi wollen web ontstond. Deze werd losgeknipt nadat je, met een mooie wens, afscheid nam van de groep. 

Ik vind het altijd weer bijzonder wat een intense beleving je kunt hebben met de wildvreemde mensen, die voor een aantal dagen tot elkaar veroordeeld zijn. Deze keer was ik bij een training waar ik vanuit mijn werk als praktijkassistent van de verloskundigenpraktijk heen mocht. 

Bij binnenkomst, in de mooie pastorie naast een kerk, was het aftasten. Kende ik toevallig iemand? Bij wie en waar zou ik gaan zitten? Ik had geitenwollensokken meegenomen. Ik trok ze aan en vond dat toch een beetje spannend. Even vroeg dat kleine meisje in me zich af of ze me niet uit zouden lachen. Al snel brak het ijs door de twee leuke dames die het geheel leidden en dit duidelijk vaker gedaan hadden. In de eerste koffiepauze stond ik met drie ‘collega’s’ te praten. Je zoekt dan, naast dat we allemaal in de geboortezorg zitten, (onbewust) naar overeenkomsten. “Heb jij kinderen?” vroeg ik aan de vrouw voor mij. “Ja één, zij is nu bijna 10 jaar geleden overleden tijdens de bevalling.” Oef! Ze vertelde er mooi en vol emotie over, zonder stromende tranen. Respect voor deze vrouw. Haar kind en deze ervaring zal zij de rest van haar leven met haar meedragen. (Had ik het net over uitlachen omdat ik SOKKEN aan had?) 

Toen ik nog een kopje thee haalde, hoorde ik  achter mij: “Zet jij ook spiralen?” Mevrouw de koster, die het ook hoorde en de lege kopjes ophaalde, liet nog net niet het dienblad uit haar handen vallen. Ze heeft de ruimte vast wel vaker aan andere, niet christelijke, groepen verhuurd maar “Zet jij ook spiralen?” was haar zo te zien niet eerder ter ore gekomen. 

In de middag werd er aardig wat gelachen, de spanning was eraf en we vonden elkaar aardig. Het was een behoorlijk interactief programma waardoor je elkaar snel leerde kennen. Je moest ook snel schakelen want je speelde geregeld een rol. Van zwangere of van begeleider of van de partner van de zwangere. Hilariteit alom toen het zo uitkwam dat de manlijke deelnemer, de zwangere was en zijn vrouwelijke collega zijn manlijke partner. Maar op zulke dagen lach je na 15 uur overal om. Gelukkig was er geregeld een pauze met thee, koffie en snacks; worteltjes, tomaatjes en chocola. Na de pauze was de schaal met chocola leeg. Buiten zag je het hangbuikzwijntje zich te goed doen aan de worteltjes en tomaatjes. We deden ook een spel waar op een grote dobbelsteen verschillende “emotie gezichten” stonden. Welke emotie kende je? Wanneer had je die emotie? Een manier om er achter te komen hoe iemand zich voelt of wel eens heeft gevoeld. Ja, hoe voel je je? Mooie vraag. Ik? Nu? Na deze intensieve dagen, met lieve mensen, met hun verschillende verhalen? In de pastorie, met in elke ruimte een beeld van Jezus aan het kruis? Ik? Ik voel me….GEZEGEND. 

Herfstoplaaddagje

Ik merk dat ik onrustig word van het weer dat niet bij het jaargetijde hoort

Tuurlijk is het lekker dat de zon schijnt want de zon past in alle jaargetijden

Het is de hoge temperatuur en de sfeer ofzo

Vandaag voel ik mij voor het eerst in dagen weer beter

Waarschijnlijk ook mede omdat ik een dagje vrij ben, tenminste geen verplichtingen heb

Ik geniet echt van vandaag

Kouder

Wind

Bladeren

Verwarming tikkie aan

Lekker in een wollen vest 

Kop herfstthee

Olielampjes aan

Met radio 2 op de achtergrond, mijn administratie bijwerken, kaartjes schrijven, bellen met mijn dochter en mama en mijn man

De was doen, een familiedag organiseren

Ik denk terug aan de afgelopen dagen; de bevallingen waar ik werkte, de mensen, zo anders allemaal en ook zo hetzelfde

Het verschrikkelijke verhaal van mensen uit het AZC (genoeg stof voor een blog)

De prachtige loft in Utrecht

De mooie bevalling van zaterdagnacht, zo dicht bij mijn schoonouders dat ik na de bevalling om 8:30 uur ’s morgens bij mijn schoonouders op de stoep stond om, als eerste, mijn lieve schoonmoeder voor haar verjaardag te kunnen feliciteren.

Een bevalling met een verloskundige van de verloskundigenpraktijk waar ik werk, super grappig

Praatje met de buurman die gaat scheiden
We komen tot de conclusie dat we niet zonder mensen om ons heen kunnen. Een van mijn lijfspreuken is dat we het met elkaar moeten doen in het leven

En vandaag

Een heerlijk herfstoplaaddagje

Alleen

 

 

 

 

 

 

 

Oost west, thuis best...

Na enig zoeken in het donker, het was erg vroeg in de ochtend, vond ik het huis waar ik zijn moest. Mede doordat de moeder van de kraamvrouw al in de deuropening stond van haar woning. Een lange slanke vrouw die mij deed denken aan minister Ploumen. Zonder woorden begroette ze mij en wees ze in de hal naar de deur van de woonkamer: “Daar liggen mijn andere dochter en schoonzoon”, fluisterde ze. Ze liep zachtjes voor mij uit naar boven. Afgelopen nacht is haar eerste kleinkind geboren in het ziekenhuis om 01:35 uur. Nadat alles goed bleek te gaan met moeder en kind, mochten de nieuwe ouders en hun baby naar huis. In dit geval het huis van de ouders van de kraamvrouw. Ik mocht komen om de eerste opvang te doen thuis, voordat de kraamverzorgster, die daar de hele week komt kramen, op een christelijke tijd mag beginnen. Ik doe het met veel liefde! Op de slaapkamer en dus in het bed van ‘opa’ en ‘oma’, lagen nu hun dochter met haar man en hun net geboren kleine meisje. Uit de logeerkamer klonk gesnurk van ‘opa’. De kersverse mama werd wakker toen ‘oma’ en ik de slaapkamer op kwamen. Zachtjes stelde ik mij voor aan de kraamvrouw terwijl haar man naast haar gewoon door slaapt. Kapot natuurlijk na deze emotionele nacht. Ik heb ook zelden zulke donker bruine kringen om de ogen gezien bij iemand als bij deze mama. Ik vroeg haar hoe de bevalling was gegaan. Nadat ze dat verteld had, temperatuurde ik de baby en probeerden we de kleine Zoë aan te leggen voor een voeding. Ik zei tegen ‘oma’ dat ze gerust ook naar bed mocht gaan, toen ze een kop thee aan haar dochter en mij gaf. De bevalling was een dag daarvoor al ingeleid en het heeft dus héél lang geduurd voordat Zoë geboren werd. ‘Opa’ en ‘oma’, zus en zwager zijn er al de tijd bijgebleven. Ze hebben allemaal niet geslapen afgelopen nacht. Ik zit op de rand van het bed en terwijl Joeke, met de baby op haar buik, en ik onze thee drinken, hoor ik over de bijzondere jaren die Joeke achter de rug heeft. De donkere slaapkamer is slechts verlicht met een klein, warm lampje. Zachtjes praat Joeke door de hoorbare ademhaling van haar man heen. Toen ze, 4 jaar gelden, klaar was met haar opleiding wilde ze stewardess worden. Tot haar grote blijdschap werd ze aangenomen bij een luchtvaart maatschappij in Dubai alleen moest ze dan wel in Dubai komen wonen. En dat had ze er voor over. Ze was 23 jaar en wilde op avontuur. Haar vader, die huisman was en altijd thuis is geweest bij zijn twee dochters, zag in een korte tijd zijn ene dochter naar de andere kant van het land verhuizen voor haar studie en de andere dochter naar de andere kant van de wereld voor haar baan als stewardess. Joeke haar vader en moeder zijn toen naar een kleinere woning verhuisd en wat was het leeg en stil in huis voor vooral voor haar vader want vrouwlief was aan het werk en de beide meiden leefden hun leven ‘opeens’ elders. Joeke haar vader kocht een prachtig, canvas wandkleed met de afbeelding van de wereld erop. Het geval besloeg de gehele keukenmuur. Door kleine speldjes op het doek te plaatsten, hield hij precies bij naar welke landen en steden in de wereld Joeke allemaal vloog. Joeke vroeg met enige regelmaat een vlucht naar Amsterdam aan om haar vader en moeder, op een 24 uurs stop, een kus te komen brengen. Ook vroeg ze plekken aan als New York, Colombo en Mauritius. En op die vlucht naar Mauritius kwam ze hem tegen. Paul, een collega steward. Maar hé, ze besloot niet op zijn avances in te gaan. Geen zin meer in die vluchtige affaires die zo bekend zijn in het vliegwereldje. Maar Paul hield vol en bleef appen en Joeke bleef “hard to get” spelen. Tot ze op een avond, een klein jaar geleden, Paul zelf appte met de vraag om wat te gaan drinken. Vanaf toen waren ze onafscheidelijk. Ze was veel bij Paul; zijn  appartement was ruimer dan haar gedeelde kamer in het ‘stewardessenhuis’ van de luchtvaartmaatschappij, waar zij woonde. Ze zagen elkaar onregelmatig vanwege hun werk maar het voelde goed. Joeke wist: met deze man wilde ze oud worden. Na een paar weken voelde Joeke zich vreemd en deed ze een zwangerschapstest. Deze was positief. Slik. Ze kenden elkaar nog maar net. Wat nu? Maar al snel begon Joeke hevig te vloeien. Ze dachten dat ze daardoor het kindje verloren hadden. Ze pakten hun leven weer op en hadden het goed samen in Dubai. Na weer een paar weken vond Joeke toch dat ze een buikje begon te krijgen. Ze konden in Dubai niet naar de dokter omdat je daar geen gemeenschap voor het huwelijk mag hebben. Dus toen Joeke naar Amsterdam vloog voor haar werk, is ze bij haar ouders naar de huisarts gegaan. “U bent ongeveer 24 weken zwanger, mevrouw” zei de dokter. En gelijk waren daar weer de vier warme armen van haar vader en moeder. Joeke besloot haar baan op te zeggen en bij haar ouders in te trekken voor de rest van haar zwangerschap en bevalling. Paul vroeg zo vaak mogelijk ‘een Amsterdam’ aan om bij Joeke te zijn. Tijdens een van zijn stops in Amsterdam, ongeveer twee maanden geleden, kwam hij vlug naar Joeke toe, ze trouwden in het gemeentehuis en vertrok hij snel weer naar Schiphol om zijn vlucht te halen. Maar afgelopen week kwam Paul aan in Amsterdam en mocht hij hier blijven om bij de bevalling te zijn. En nu is hun Zoë afgelopen nacht geboren. Wat heeft Joeke dat knap en moedig gedaan met Paul aan haar zijde maar ook haar moeder én haar zus. En natuurlijk haar vader en zwager zenuwachtig wachtend op de gang. Wat een bijzonder moment. Bij hen thuis zag ik Joeke, Paul en Zoë in het ouderlijk bed hoog uitrijzen boven haar familie die er her en der op matrassen, omheen lag. Wat een prachtige symboliek. Zij worden hier op handen gedragen. (oké; en op klossen)

Vader het kraambed in!

“Oké Sas, dit heb je geleerd”, dacht ik toen ik net twee minuten binnen was. 
De kraamvrouw zelf stond al bij de voordeur en zwaaide deze open toen ik nog maar een been buiten de auto had gezet. Ze riep me toe: “Je bent zò welkom, we zitten in een rollercoaster!” Ze omhelsde me nog net niet. Terwijl ik naar binnen liep ratelde ze maar door: ” ik wilde nog wel een nachtje in het ziekenhuis blijven maar we moesten naar huis, ik ben donderdag al bevallen en….”.

Ik was bij een gezin dat 4 dagen daarvoor al bevallen was. De baby moest een paar dagen voor controle in het ziekenhuis blijven. Nu alles goed ging met de kleine mochten ze naar huis. Ik was daar om ze de eerste informatie te geven voor de komende nacht, dat hoort o.a. bij mijn taken als bevallingsassistent. Tussen twee zinnen van mama door, vroeg ik wat ze wilden drinken, nam zelf een kop thee en installeerde me op de bank en vroeg rustig: “vertel eens, het was afgelopen woensdag en toen”? Een stortvloed van woorden viel over me heen. Ik kreeg tot in detail verteld wat er v.a. woensdag gebeurd was. Naast de hele bevalling, kreeg ik ook precies verteld welke verpleegkundige wat gezegd had en wat ze van elke maaltijd opgegeten heeft. Ik denk dat ik met een frons in mijn voorhoofd heb zitten luisteren om het verhaal in mijn hoofd te ordenen. Tussendoor stond ze regelmatig op om de achterdeur voor de poes te openen, deze wilde een minuut binnen zijn om vervolgens toch liever weer een minuut buiten te zijn. Ze hadden in het ziekenhuis een al borstkolf aangeschaft. Het ding lag over hele tafel uitgestald. Het leek de kraamvrouw beter dat ze zag wat haar kindje binnen kreeg en met deze supersonische dubbele kolf, ging het ook allemaal lekker snel. 

 Als kraamverzorgsters krijgen wij vaak bijscholingen, zo ook over postnatale depressie, kraambedpsychose en kraamtranen. De kenmerken hiervan zijn wisselend. Van echt down tot hyper actief en onrustig zijn. Ik maak dat over het algemeen niet mee omdat ik alleen de bevalling en thuiskomsten net na de bevalling, begeleid. Kraamverzorgsters die 8 tot 10 dagen in een gezin blijven, hebben er eerder mee te maken, hoewel het zich vaak na de kraamweek aandient. Maar omdat deze mama al 4 dagen geleden bevallen was, ging er een belletje bij mij rinkelen. Voorzichtig informeerde ik naar haar energieniveau vóórdat ze moeder was. “Ik heb heel veel energie” zei ze. “Als ik op zaterdag 10 km ren dan ga ik daarna de ramen lappen en boodschappen doen.” Ik vroeg of een van haar ouders dat ook heeft. “Vader” zeiden ze beiden in koor. “Nou, gelukkig” dacht ik, “geen nare emotionele veranderingen na de bevalling”. Ik adviseerde haar niet teveel trap te lopen en deze dagen nog lekker veel in bed te herstellen. “Dat gaat niet gebeuren” zei manlief resoluut, “je krijgt haar niet in bed”. “Misschien moet jij dat bed dan maar in” dacht ik , gezien zijn witte hoofd met enorme bruine wallen. Volgens mij kan hij zijn vrouw niet helemaal bijbenen. 

 Na heel vaak bedankt te zijn, verliet ik met een vol hoofd het gezin. Thuis zat ik even naar het scherm van mijn ipad te staren. Hoe schreef ik professioneel de overdracht in het dossier? “Mevrouw heeft veel energie “volstond niet naar mijn idee. “Ik bel mijn collega, die daar gaat werken, morgenochtend, wel even” dacht ik. Toen ik de volgende morgen opgehangen had dacht ik “ja, dat zou ik ook zeggen als ik haar was.” Mijn collega antwoordde: “Bedankt voor het bellen, komt goed.” Maar ik moest toch even grinniken toen ik een paar dagen later in de overdracht zag staan: “Mevrouw wil niet in bed. Mevrouw doet zelf het huishouden. Deze mevrouw is niet te stoppen!”

 

Waar staat jouw wieg?

20:45 uur. Ik rijd het erf af met een diepe zucht. Ik laat een jonge moeder achter. Ze ligt in een eenpersoonsbed met haar, nu, oudste zoontje van een jaar. Zo valt hij elke avond in slaap. Sinds vandaag is hij ‘grote broer’. Vanmorgen is Cheyenne bevallen van haar tweede zoontje. Haar ex was erbij. Hij is ook de vader van de oudste van 1 jaar. “Ex” mocht onder begeleiding bij de bevalling zijn vanmorgen. Als hij iets zou doen wat Cheyenne of de verloskundige niet zinde, zou hij verzocht worden te vertrekken. De bewaking in het ziekenhuis was paraat. Maar het ging goed; Cheyenne vertelde me dat ze zelfs verbaasd was over zijn bezorgdheid. Toen Cheyenne had gezegd dat ze niet meer kon tijdens het persen, ging hij voor haar staan en zei hij dat ze moest volhouden en dat ze het zou kunnen. Toen Dylano geboren was en Cheyenne mocht douchen, hield “ex” zijn zoontje vast. Daarna was het afscheid. "Ex" mag niet weten waar Cheyenne en hun zoontjes wonen. Wanneer ik vraag waarom dat is, krijg ik een vaag antwoord. “Heb je ouders?” vraag ik. “Ja, mijn moeder komt misschien deze week, ze is op vakantie in Nederland, in een caravan.” Cheyenne woont met Dave en Dylano in een huisje op het erf bij mensen die die ruimte voor maximaal twee jaar ter beschikking stellen aan moeders die het nodig hebben. Wat geweldig! Het is een kleine ruimte met een bank, een kast, een keukenblok en een slaapkamer. Ik vraag waar de kruiken zijn. Er is er één. Ik probeer het verkalkte ding open te krijgen. Als ik vraag of er een waterkoker is, wijst ze naar de kast. Alleen daar is een stopcontact die het doet. “Waar heb je een theedoek?” vraag ik. “Waarschijnlijk op het was rekje in de slaapkamer.” Ik vind ‘m niet op het overvolle rek. De eigenaresse van het huis komt met een bord warm eten voor Cheyenne. Cheyenne geeft haar baby aan haar en zegt dat ze zin heeft in een sigaret. Maar ze gaat eerst haar oudste zoontje naar bed brengen. Als ik naar buiten loop snuif ik de gezonde boeren lucht op en rijd het erf af met een diepe zucht.

2:15 uur. “Oprijden tot de slagboom, deze opent automatisch”, staat er in de informatie dat ik snel doorlees op mijn ipad. Ik ben opgeroepen voor een bevalling, zelfde plaats als waar ik eerder vanavond was. Ik rijd in het donker, door de laag hangende mist, op verlaten landwegen naar een prachtige boerderij. Bij zo’n enorm landgoed, heb ik een ouder iemand voor me. Oké de naam “Hennie” heeft er vast ook aan bijgedragen. Maar als ik de slaapkamer in loop, ligt daar een prachtige, jonge moeder te bevallen van haar vierde kind; “Arend-Jan”. Wat een kolossaal huis. Het “washok” is een huis op zich, half zo groot als het mijne schat ik. De keuken is zo royaal dat ik behoorlijk wat tijd nodig heb voordat ik de beschuit, boter en muisjes heb gevonden. Koeien houden ze, dat ruik je ook. Als ik om 5:00 uur wegga loopt de kersverse papa met me mee. “Daar wonen mijn ouders” wijst hij. Ik zie in de donkere verte de silhouetten van een boerderij met een aantal grote schuren, de mist hangt laag op de weilanden eromheen. Ik rijd tot aan de slagboom en deze opent zich weer automatisch. Ik snuif de heerlijke stank nog een keer op door mijn open raampje en denk: “Cheyenne en Hennie, Dylano en Arend-Jan, ze wonen nog geen 500 meter bij elkaar vandaan. 

 

Vannacht had ik een bevalling op Curaçao

Afgelopen nacht was het de warmste nacht ooit gemeten in Nederland. Dat hielp eraan mee dat het leek alsof ik even op Curaçao was vannacht. Om goed 3 uur drukte ik op de deurbel. Een exotisch uitziende man deed open, zijn lange haar in een haarnet. “Graag schoenen uit”, zei hij. “Met plezier” dacht ik. “Het wordt hun 5e kindje en het ging de vorige keer snel” zei de planner, die mij 20 minuten geleden wakker belde. Ik waste mijn handen met de heerlijk geurende kokoszeep op de badkamer. Toen ik boven op zolder kwam, hing de barende vrouw om de nek van de verloskundige. “7 cm“ zei de verloskundige tegen me. Toen de wee weg was gaf ik Laila een hand en stelde me voor. De verloskundige zette wat spullen klaar toen Laila weer een wee kreeg. “Oh dushi, mag ik bij jou”? Ze pakte me om mijn hals en samen dansten we de baby naar beneden. Zij met een mooie gekleurde doek om haar haar, net iets bruinere benen dan ik (ik doe echt mijn best) en haar gouden tand. Ik in mijne witte pak, blote voeten en fel rode teennagels. Alleen de palmbomen ontbraken. “Ga maar op bed liggen, Laila” zei de verloskundige. Laila riep zo hard als ze kon naar haar man dat hij nu echt moest komen. Rustig kwam hij aangelopen. De verloskundige brak de vliezen en zei dat Laila 9 cm ontsluiting had. Laila riep dat ze mee wilde persen en voordat we er erg in hadden was de baby geboren. Bon bini, lief jongentje! De twee oudste kinderen werden wakker gemaakt. Ze kwamen met slaperige ogen en een brede grijns hun broertje verwelkomen. De kralen in het haar van grote broer tikten vreugdevol mee. Grote zus mocht de navelstreng doorknippen en mama bracht ondertussen de familie op de hoogte. Niet veel later kwam oma naar boven geklommen, het zweet op haar voorhoofd en grote krulspelden in. Ze begint  haar 12ekleinkind jubelend te begroetten. Ondertussen voelde ik het zweet, onder mijn jasje, van mijn borsten over mijn buik lopen. Wat was het heet. Op twee verschillende telefoons werd er live verbinding gemaakt met de familie op Curaçao. Allen juichten, klapten en praatten veel. Mama vertelde haar verhaal vanaf gistermiddag toen ze iets voelde toen ze in de Action was. De uitheemse vogel in een kooi die ik op het telefoonscherm zag, probeerde boven het gelach van de dames uit te komen. Nadat de verbinding verbroken was, sommeerde oma de kinderen weer naar bed te gaan. Ik vroeg aan Laila wat ze wilde eten en i.p.v. de bekende boterham met kaas, pindakaas of hagelslag zei ze: “ik wil graag ananas”. Natuurlijk ananas! Terwijl ik het klaarmaakte, hoorde ik papa alweer snurken op de wit leren bank. Vannacht had ik een bevalling op Curaçao! 

Saskia 

Laat de boel niet onnodig ontploffen!

Afgelopen zondag mocht ik werken bij een prachtige bevalling bij een vrouw van Turkse komaf. En wat ik daar zo mooi aan vind is dat ik daar zag wat ik met mijn bijeenkomsten van MoederZorg wil bereiken; ze was nog niet bevallen en de vrouwenstroom kwam op gang; mama, schoonmama, zussen, buurvrouwen en vriendinnen. Na een korte emotionele omhelzing voor de kersverse mama en een liefdevolle blik vol bewondering naar de baby, gingen ze aan de slag. Twee bleven er bij mama voor de emotionele steun, twee gingen er koken, twee de anderen gingen kinderen in de tuin bezig houden en verzorgen. Ik genoot! Toen ik mijn kraamvrouw vroeg of de dames erbij mochten blijven wanneer ik de laatste controles bij haar wilde uitvoeren, zei ze me dat ze dat liever niet wilde. Het voelde voor haar nu niet goed en ze luisterde daarna en gaf dat aan, super! Luisteren naar je gevoel is zo belangrijk. Ikzelf probeer steeds meer te genieten van de verschillende gevoelens van mensen. Wat relaxed als je kunt denken dat een handeling van iemand, een oorzaak is van het gevoel van diegene. Waar je wat mij betreft mee mag beginnen, als je dat nog niet gewend bent, is; het luisteren naar je gevoel. Het is zo duidelijk aanwezig en wil jou zoveel zeggen, wals er niet overheen maar denk erover na. Neem je eigen gevoel serieus en laat je gevoelsleven niet onnodig ontploffen; burn-out, stress en negatieve gedachten liggen op de loer. Soms kan dat lastig zijn en dan heb je mensen nodig om je heen, mensen die zeggen hoe zij het zien, mensen die jou op weg helpen door jou vragen te stellen, mensen die naar je luisteren waardoor het maar zo kan zijn dat jij opeens voelt wat je moet doen. En dit is mijn gevoel; ik wil vrouwen (weer) met elkaar in verbinding brengen. Om er voor elkaar te zijn. Wij vrouwen hebben elkaar nodig. Wij kunnen elkaar enorm tot steun zijn. Goed… terug naar de kraamkamer waar ik de controles wilde uitvoeren. Ik vroeg de dames voor korte tijd de kamer te verlaten. Schoonmama stribbelde tegen: “zuster, allemaal zelfde” zei ze terwijl ze naar haar ‘onderkant’ wees. Ik pakte haar bij de rug en terwijl ik haar zachtjes richting de overloop duwde zei ik: “Normaal wel mevrouw, maar nu is het een beetje ontploft.” Soms is een ontploffing noodzakelijk...

Bij MoederZorg zijn vele vormen van ontploffingen bespreek-en herkenbaar;)

Saskia van MoederZorg

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gastblog: ík huilde en gilde, niet mijn kind..

Ik ben nooit wat je noemt heel stabiel geweest. Anorexia, depressie, angst, trauma’s, noem maar op. Het leven is me niet aan komen waaien. Sinds mijn tienertijd ben ik in therapie. Toch heb ik een opleiding af kunnen maken, heb ik lieve vrienden en familie, een huis en een baan en als klap op de vuurpijl een schat van een man. 

Ik was zo’n vier maanden in verwachting toen ik dacht: dit kind moet er straks uit. En dat betekent dat ze me ‘daar’ moeten gaan aanraken. Hoe ik ook vocht, de angst werd alleen maar groter en resulteerde in een voor mij enorm zware bevalling. 

En het was daarmee niet klaar. Daar zat ik dan, met een heerlijk vrolijk, sociaal kindje, met wie ik me bijna geen raad wist. Ik werd ongekend onzeker van zijn prachtige blauwe ogen. Iedereen kon het vast beter dan ik. Ik was verschrikkelijk bang iets verkeerd te doen. ‘Je moet ervan genieten hè,’ riepen mensen voortdurend naar me. ‘Het is een geweldig kind,’ zei ik dan, en ik meende het, maar dat genieten? Geen idee hoe ik dat óók nog voor elkaar moest krijgen.

Ik was voortdurend bang mijn kind tekort te doen. Dus ik gaf hem mijn onverdeelde aandacht. Ik bestond bijna alleen nog maar voor mijn kind. Het dal waar ik in zat werd dieper en dieper, want mijn prachtig baby groeide op tot een zelfverzekerd, praatgraag mannetje dat al kon onderhandelen voordat hij kon rennen. Ik reageerde op alles wat hij deed en op alles wat hij zei. Ik voelde me verschrikkelijk als hij niet naar me luisterde. Een hele ongezonde situatie waarbij ik voortdurend een torenhoge spanning opbouwde. Bij het minste of geringste werd ik verschrikkelijk boos. Trillen, zweten, schreeuwen tegen mijn allerliefste schat. Huilen, gillen, met dingen gooien. 

Dat moest anders. Ik wist dat ik dit niet nog veel langer vol zou houden. Vooral omdat de gedachten die zo lang waren weggebleven weer terug waren: ze zouden beter af zijn zonder mij. 

Tot ik mezelf aan de haren naar het consultatiebureau sleepte. ‘Ik ga met een mevrouw praten,’ zei ik tegen mijn zoon. Ik deed mijn verhaal en kreeg thuisbegeleiding. Daar schrok mijn omgeving van. ‘Jij hebt dat toch niet nodig,’ werd er gezegd. Maar ik had het wél nodig. Wíj hadden het nodig. Het heeft ons enorm veel goeds gebracht. Ik heb geknokt voor mijn leven, voor mijn zoon en voor ons gezin en ik ben trots op deze stap. Binnenkort vieren we de derde verjaardag van mijn lieve jongen en wat een prachtige dag zal dat worden.

Anoniem voor MoederZorg

Onprofessioneel met permissie...

Voor:
Tuurlijk, ik voel me altijd vereerd als mensen vragen of ik bij hen wil ‘kramen’. Maar bij mijn werkgever, Naviva Kraamzorg, mag je als kraamverzorgster kiezen; óf je werkt de kraamweek óf je werkt ‘alleen’ bij de bevalling. Ik heb voor dat laatste gekozen. Dat vind ik het allermooiste; de bevalling. Maar er zijn natuurlijk uitzonderingen… 
Zo belden mijn schoonzus en zwager mij in het najaar op of ik in April bij hen wilde komen kramen. Geweldig; I ’m in, natuurlijk! Vanaf het prille begin ben ik betrokken bij mijn kleine neefje in wording. Ik ben een paar keer mee geweest naar de verloskundige en mee gegaan naar een echo. En serieus, hij lijkt op mijn zwager, dat kon ik op de 3D echo heel goed zien. Mijn schoonzus zei ook al dat hij op hem lijkt omdat hij alleen frikandellen lustte in het begin van de zwangerschap. We hebben heel wat af geappt en gemaild. En de tijd waar we tot nu toe alleen maar aan dachten is nu aangebroken! Vorige week was ze 37 weken en hij mag komen! Wat ik mij nu heel erg afvraag is: ”hoe gaat dit voor mij voelen?” Na zoveel baby’s geboren te zien worden en zoveel kraamweken te hebben meegemaakt. Wat doet de komst van dit jongste familielid met mij? Met wat voor gevoel sta ik straks bij de bevalling? Hoe is het om mijn schoonzus te zien bevallen? En kan ik mijn zwager bijstaan of zal het andersom zijn? En dan de kraamweek…. Maar goed, vooralsnog sta ik ‘in de wacht’. Ik heb heel vaak in de wacht gestaan maar nog nooit zolang en met zoveel nieuwsgierigheid. Ik rijd overal nog naar toe maar met mijn spullen achterin de auto. Ik heb al mijn afspraken ‘onder voorbehoud’ gemaakt. Dit wil ik niet missen en ben voornemens om er alles aan te doen om er een mooie en memorabele kraamweek van te maken. Na:
Nou, dat is gelukt…pppfff.. Wat een emotionele rollercoaster was het afgelopen week. Na ruim 41 weken is mijn neefje geboren. Ik was erbij en doordat het een medische bevalling werd waren bepaalde zaken anders dan ik gewend ben. And guess what? Ik mocht de navelstreng doorknippen. En tot mijn grote verrassing kreeg ik de schaar in mijn handen geduwd en mocht ik hem mee naar huis nemen. Wat een enorm leuk idee van dat ziekenhuis! Gelukkig mochten moeder en kind de volgende morgen naar huis. We hadden een geweldige kraamweek inclusief onzekerheden, kloofjes, stuwing en vermoeidheid. Dat was niet heel anders dan ik gewend ben. Wat wel anders was, was dat ik alle kraamvisite heb gekust, dat mijn man en dochters voor het eerst “op mijn werk” mochten komen, en dat ik niet de eerste dag hoefde te vragen of ik brood en thee mocht pakken. Ook bijzonder om te zien, hoe erg mijn zwager op mijn man lijkt. Ik moest bijvoorbeeld erg lachen om dezelfde manier van ingrijpen n.a.v. de keuzestress van ons dames, om o.a. welk leuk pakje het jochie aan mocht die dag. Dan hoorde ik wat ik exact thuis zou kunnen horen op een lichtelijk geïrriteerde toon: “Pak er gewoon een, maakt niet uit welke kleur.” Maar met stip op één staat mijn onprofessionele afscheid. Waar ik gewend ben om afscheid te nemen van een kraamvrouw in tranen was het nu de beurt aan…….. de kraamverzorgster.

Saskia MoederZorg

 

MoederZorg dagen op VLIELAND!

Had ik het gedaan toen de kinderen klein waren? Drie dagen uit, voor mijzelf?

Uit waaien, wandelen, wellness én werken aan mijzelf. Het klinkt als muziek in mijn oren. MAAR..... altijd die MAAR. “Hoe moet dat met de kinderen?” “Wat kost dat wel niet?” “Dat kost me kostbare vrijedagen.” “Nee, laat maar, nu ff niet. ”Dat zou ik 20 jaar geleden gedacht hebben. "Spannend" ook trouwens, ik ken die andere vrouwen ook niet enzo. Nee, ik zou het binnen een halve minuut van tafel geveegd hebben. Dus waarom zou jij het wel doen? Daar is maar een vraag op: Waarom altijd jezelf wegcijferen, waarom gaat alles en iedereen altijd voor?
Ik heb spijt dat ik het destijds niet gedaan heb. Ik denk nu vaak “ hoe was mijn leven gegaan als ik beter voor mijzelf gezorgd had?” Wij gingen met de kinderen ook weleens naar Vlieland. Ik was zo moe en de rust en de prachtige natuur vond ik zo heerlijk dat ik hier wilde blijven. Ik dacht “ik moet hier eens alleen heengaan, even bijkomen, even opladen.” Helaas is het alleen bij denken gebleven. Misschien als ik dit aanbod had gezien dat het me dan over de streep had getrokken. Dus daarom nu een groot appèl op jouw geest (en portemonnee). Ga jij mee drie dagen ontspannen aan jezelf werken?
Samen met Strandhotel Seeduyn op Vlieland, heb ik een heerlijk ontspannen en waardevol programma samengesteld. Seeduyn ligt aan het strand en is een luxe en warm hotel met lekker eten en drinken. Zij beschikken over een prachtig zwembad, relaxte wellness, knusse hoekjes bij de openhaard en je loopt zo het strand op waar ook een hippe strandtent staat waar we zeker een keer gaan eten en borrelen. Het moeten dagen worden met een mooie mix van praten en genieten. Praten over jezelf; mijn motto is namelijk dat je niet vooruit kan als je niet (even) achterom gekeken hebt. Genieten van elkaar, van het uitwaaien, van het eten en drinken, van de wellness, van de rust, van de prachtige natuur en de bijzondere niet te omschrijven magie van Vlieland. Je mag samen met een vriendin komen maar het zijn jouw dagen!

Gun je het jezelf ? Geef je dan op !

 

www.moederz.org/moederzorg-dagen/

 

Saskia  (van Moederzorg)

 

Staan de schilders al voor het raam?

Wanneer ik nachtdienst heb, van 17:00 uur tot 5:00uur, dan slaap ik altijd wat lichter. “Zal de telefoon zo gaan?” “Heb ik mijn telefoon niet op zacht staan?” Dat soort vragen spoken dan door mijn hoofd. Net als “ik MOET nu slapen, want misschien moet ik er zo uit.” Nou, dat ken je misschien wel, dat schiet niet op. Maar net toen ik me overgegeven had aan een wat diepere slaap, gaat het bekende deuntje. Het is 3:00uur. Mijn hart klopt in mijn keel. Slaperig schrijf ik alle gegevens op van mijn collega van de planning. Heb je er ooit bij stil gestaan wat voor baan zij hebben? De hele nacht ontvangen zij, met hun headsets op, telefoontjes van zenuwachtige vaders, stellen hen gerust om vervolgens een bevallingsassistent wakker te bellen. Maar wat als zij de bevallingsassistent net een uur geleden naar een andere bevalling hebben gestuurd? De mensen van de planning lossen het op. Dat mag ook wel eens gezegd worden! Goed, een bevalling voor mij dus, dichtbij, eerste kindje. Mijn geweldig lieve man gaat er ook uit. Geeft mij een banaan mee en krabt de ruiten van de auto. I’m so blessed;) Wanneer ik binnenkom na 5 minuten rijden, zit de verloskundige te puffen aan de telefoon. Ze helpt een andere barende vrouw, telefonisch, door haar persweeën heen totdat haar collega daar, net op tijd, binnenkomt. dan praat de verloskundige mij bij over het verloop van deze bevalling. We gaan naar boven, treffen de nodige voorbereidingen voor de komst van de baby, doven het licht en laten de a.s. mama en papa samen de weeën opvangen. Wanneer we boven oer geluiden beginnen te horen, gaan we weer naar de kraamkamer. Mama heeft het zwaar. Ik verbaas mij elke keer weer wat een vrouwenlichaam aankan. Wat een geweld. Maar wat doet ze het super. Papa steunt haar optimaal en spreekt de mooiste bemoedigende woorden. Als hij zo blijft communiceren, krijgen ze een sprookjes huwelijk. “Ik kan niet meer!”, schreeuwt mama. Wij moedigen haar aan om op haar ademhaling te letten. Ze herpakt zich en puft weer verder. Dan opeens uit het niets is ze even terug bij ons. “Staan de schilders niet voor het raam?” vraagt ze. Het is 5:30 uur dus kleine kans. Maar deze week worden de kozijnen geverfd en de heren schilders zullen best wel eens dingen zien door de ramen, die goed scoren op een verjaardag, maar als ze dit zouden zien, zal dat hun leven lang op hun netvlies gebrand blijven staan. Iets wat beide partijen overigens niet willen. Maar de verduisteringsgordijnen zijn goed gesloten en om 6:49 uur wordt er na heel hard werken een prachtig, groot mannetje geboren. (Taal technisch klopt 'groot mannetje' misschien niet maar dit is een echt een groot mannetje.) Wanneer de verloskundige even later de jonge mama aan het hechten is en ik de, inmiddels gearriveerde, schilders achter het raam hoor praten denk ik: “zonder deze grote, dichte gordijnen zouden jullie vanavond niet makkelijk in slaap vallen!” Ieder zijn vak want wat zal ik juist komende nacht heerlijk slapen!

Saskia MoederZorg
Deze blog staat ook op mamaplaats.

 

Een Valentijnsbaby! (met dappere ouders)

En ja hoor, mijn werktelefoon gaat; een valentijnsbaby! Snel spring ik in de auto op naar de drukke stad. Er verlaat net iemand het smoezelige flatgebouw zodat ik gelijk naar binnen kan. Midden in een chaotische huiskamer ligt een blozende moeder op de bank. Ze kijkt mij aan met een gelukzalige en voldane blik. Een mooie roze baby op haar borst. Wat een heerlijk, rustig tafereel. Jammer dat ik net de bevalling gemist heb, want ze is in bad bevallen. En dat zie je steeds meer maar het blijft bijzonder. Het opgeblazen bevallingsbad staat midden in de huiskamer en er drijft opvallend weinig bloed in. Als ik de trotse ouders feliciteer en vraag naar de bevalling, blijk ik niet de enige die er niet bij was. Deze dappere mama en papa hebben samen hun derde zoontje ter wereld gebracht. Het ging op het laatst zo snel. Ondanks de afwezigheid van de verloskundige is mama in bad gestapt. Haar eerste bevalling eindigde in het ziekenhuis, de tweede was op de baarkruk en deze laatste bevalling wilde ze heel graag in bad doen. Ze waren beiden erg rustig gebleven. Papa was zelfs zo relaxed dat toen alleen het hoofdje geboren was, hij nog een foto gemaakt heeft. In plaatst van in paniek te raken, van het toch wel blauwe koppie van de baby, hebben ze rustig de volgende wee afgewacht. Geweldig.  Toen de rest van het lichaampje geboren werd, verrichtte papa, alsof het zijn dagelijks werk is, een heldendaad. Hij zag dat de navelstreng om het nekje van zijn zoontje gestrengeld was en heeft de baby zo gedraaid dat hij daarvan bevrijdt werd. Fantastisch! Daarna zijn ze hem samen heerlijk gaan bewonderen en dat moment kwam de verloskundige binnen. Omdat mama erg weinig bloed verloor, besloot de verloskundige mee te gaan in de “zen flow” en de placenta met rust te laten. De gelukkige nieuwe ouders, de familiaire verloskundige (zij was er ook bij de geboorte van zoon 2), de zon die vol door de oranje doeken voor het raam scheen en de blauwe druifjes op het vaasje op tafel; het hielp allemaal mee aan de vredige, liefdevolle en warme sfeer hier in de chaotische huiskamer, van een smoezelig flatgebouw, in een drukke stad. Ja, oké en natuurlijk ook gewoon door de verwarming die op 26 gr stond.

Saskia MoederZorg
Deze blog staat ook op mamaplaats.

Vrouwen van de weg.

Niet omdat we allemaal christelijk zijn maar wel omdat we alle 5 geïnteresseerd zijn in de Bijbel en Jezus. “Vrouwen van de weg” noemen we ons groepje.  Op dinsdagavond komen we bij elkaar en bespreken we een hoofdstuk uit het boekje “mensen van de weg” van Lazarus (www.lazarus.nl). 10 hoofstukken met levensvragen die tegen het licht van Jezus leven worden gehouden. Gewoon om te zien hoe hij omging met ‘het leven’. Ik lieg trouwens als ik zeg dat we een hoofdstuk bespreken per avond want hé, 5 dames bij elkaar…We zijn in oktober begonnen en zijn nu bij hoofdstuk 5. (Smiley) Ik denk dat 75% van wat wij bespreken niets met Jezus te maken heeft maar dat komt mede omdat hij een man is;) Gisteravond ging het over: Met wie ga je om? Het boekje citeert kort twee verhalen die Jezus heeft verteld; één over een vrouw die verstoten was door haar omgeving omdat ze ‘aanrommelde’ met mannen. Jezus sprak wèl met haar.

En één , wat bekender verhaal, over de barmhartige Samaritaan. Hij hielp een gewonde man waar net twee “gelovige” mannen met een boog omheen waren gelopen. Dit laatste verhaal kan voor ons vrouwen als een druk voelen. “Oké, ik moet dus iedereen helpen”, “ik moet klaarstaan voor iedereen”, “ik moet vrijwilligers werk doen”, “ik moet….” Want? 

De druk wordt er juist afgehaald in dit verhaal! Wat deed die helper? Hij behandelde de wonden van de man, bracht hem naar een onderkomen en betaalde om voor hem te laten zorgen. Daarna ging de helper weer door met zijn leven. Prachtig! Wij hebben allemaal onze taken in het leven. Dat wil niet zeggen dat je met oogkleppen op je doel achterna moet rennen. Maar doe waar je goed in bent en help waar je kunt, doe wat in je vermogen ligt, meer wordt er niet van je gevraagd. Kortom; zorg goed voor jezelf! Wat kun je bieden aan iemand die jou hulp nodig heeft? Misschien op dit moment niet meer dan een appje. Helemaal prima. Misschien heb je juist veel ruimte in je leven en kun je veel tijd en energie geven aan anderen. Wat een andere invalshoek, wat een ontspanning!

Ik stond vanmorgen onder de douche en dacht aan gisteravond. Er werd gezegd dat douchen slecht voor je is. Waarom hadden we het daar in vredesnaam ook alweer over?

Je snapt dat de 10 weken wel zullen uitlopen op een jaar. Maar wat geeft het? We zorgen samen voor onszelf!

Saskia MoederZorg